Haagsche krachtsport 1900 - heden Mede door de prestaties van zwaargewicht Bram Charité - die op de Olympische Spelen van 1948 de derde plaats behaalde en op dat moment de beste Europeaan in deze gewichtsklasse was - werd de aandacht van de krachtsportwereld even op Nederland gevestigd, nadat was gebleken dat Argentinië en Engeland niet in de gelegenheid waren de wereldkampioenschappen gewichtheffen van 1949 te organiseren. De Nederlandse Krachtsportbond had namelijk van de Fédération Internationale Haltérophile de opdracht gekregen om deze wereldkampioenschappen (gecombineerd met de Europese kampioenschappen) te organiseren. De bond gaf op zijn beurt de organisatie over aan de Haagsche vereniging  “Hercules”, waarvan Charité op dat moment lid was. Om een dergelijk groots evenement te kunnen organiseren werd er een regelingscommissie in het leven geroepen bestaande uit J. de Bles, A.J. Besling, N.J.C. Hoedeman, W. Krens, B. Charité Sr. en B. Charité Jr., P. Harberts, G. Bontekoe, D. Verheijen, J. Verheijen, C. Stahlecker en H. Walhain. De datum van de kampioenschappen werd vastgesteld op  4, 5 en 6 september 1949 en door de regelingscommissie werd de perfecte locatie gevonden, te weten het Circusgebouw te Scheveningen. Door de inschrijvingen van de Amerika, Egypte, Jamaica, Iran, Zweden, Denemarken, Italië, Frankrijk, België, Finland, Engeland en Nederland wist men al spoedig dat de wereldkampioen-schappen konden uitgroeien tot een sportief spektakel en het gerucht ging lange tijd dat Rusland ook een volledige ploeg zou afvaardigen. Vanaf 1946 had Amerika onophoudelijk de landenprijs gewonnen, maar deze keer was Egypte een niet te onderschatten kandidaat voor de landenprijs. Daarom hadden de Amerikanen ook deze keer een sterke ploeg samengesteld, bestaande uit de drie Olympische kampioenen van 1948 Joseph Di Pietro, Stanley Stanczyk, John Davis, de tweede prijswinnaar Peter George en Joe Pitman die achtste werd. De Egyptenaren konden hier “slechts” de twee Olympische kampioenen Mahmoud Fayad en Ibrahim Shams tegenoverstellen, aangevuld met vierde prijswinnaar Khadr El Touni en nieuwkomer Kamal Mahgoub. Ondertussen was ook de Nederlandse ploeg definitief bekend geworden. Het was de Delftenaar Jaap Spiero (middengewicht) en de Hagenaars Dirk Brand (vedergewicht), Paul Caffa (lichtgewicht), Kees Stahlecker (zwaar middengewicht) en Bram Charité (zwaargewicht) die samen met coach Jan Verheijen Nederland mochten vertegenwoordigingen tijdens deze wereldkampioenschappen. Bijna iedere avond werd er door de Nederlanders getraind in het oefenzaaltje van Minus Verheijen’s café aan de Noordwal om zo goed mogelijk voor de dag te komen bij de wedstrijden. Dat er veel op het spel stond voor de Egyptenaren en de Amerikanen kon men afleiden aan het feit de beide teams als één van de eersten arriveerden in Den Haag om te acclimatiseren. De Egyptische gewichtheffers kwamen zelfs een uur te vroeg aan op het Hollands Spoor met het gevolg dat niemand van de organisatie ter verwelkoming aanwezig was. Hals over kop werd Bram Charité opgebeld om de Egyptenaren op te vangen en alsnog te verwelkomen. Terwijl beide teams waren begonnen met hun dagelijkse trainingen met de gewichten kwam vanuit het Nederlandse team een verontrustend bericht. Bram Charité had tijdens de training een spiertje van zijn rechterarm bezeerd toen hij een gewicht stootte dat ver boven zijn eigen record lag. Direct liet hij zich onder geneeskundige behandeling stellen van dr. Hans Tetzner in Amsterdam. Daar kwam men tot de conclusie dat de deelneming aan het kampioenschap gewoon door kon gaan. Het betekende wel een tegenslag voor Bram Charité - die in goede conditie verkeerde - omdat hij zijn training hierdoor enige tijd moest onderbreken. Op 4 september 1949 kon de driedaagse strijd om de wereldtitels gewichtheffen eindelijk beginnen. Het podium met daarop het plankier en het glimmende halter, de jurytafels en de lichtinstallatie voor het aangeven van de jurybeoordeling stonden midden in het Scheveningse Circusgebouw opgesteld. Het talrijke publiek - dat prijzen van 1 tot 10 gulden had betaald - was getuige van een schitterende deelnemersparade toen de gewichtheffers van elk land met hun vlag het podium betraden. Deze prachtige vertoning werd iedere keer beloond met een aanhoudend applaus. In het bantamgewicht (-56 kg) werd die avond uiterst fel gestreden. De Iraniër Mahmoud Namjoo stond na het onderdeel drukken 10 kg achter op Olympisch kampioen Joseph Di Pietro die 100 kg had gedrukt. Namjoo wist door het trekken van 97,5 kg deze achterstand weer gelijk te trekken. Maar bij het stoten was het verschil tussen de beide gewichtheffers duidelijk zichtbaar. Met 125 kg bij het stoten overklaste Namjoo ruimschoots zijn directe tegenstander Di Pietro die niet verder was gekomen dan 107,5 kg. De strijd om de tweede en derde plaats ging hierdoor verder tussen de Amerikaan Di Pietro en de Egyptenaar Kamal Mahgoub. Na de onderdelen drukken en trekken stond Di Pietro 15 kg voor op Mahgoub. De Egyptenaar moest na het stoten van 110 kg bij zijn eerste beurt de tweede beurt verhogen met maar liefst 12,5 kg om op gelijke hoogte met de Amerikaan te komen. De tweede beurt faalde maar met zijn laatste beurt lukte het Mahgoub de 122,5 kg omhoog te brengen. Met zijn 122,5 kg vestigde Mahgoub een nieuw Egyptisch record en behaalde hiermee op dit kampioenschap de zilveren medaille aangezien zijn lichaams-gewicht 1 ons lager was dan van de Amerikaan Di Pietro. drukken trekken stoten totaal 1. Mahmoud Namjoo Iran   90,0   97,5 125,0 312,5 2. Kamal Mahgoub Egypte   80,0   92,5 122,5 295,0 3. Joseph Di Pietro Amerika 100,0   87,5 107,5 295,0 4. Marcel Thevenet Frankrijk   85,0   77,5 105,0 267,5 In de klasse zwaar middengewicht (-82,5 kg) was de strijd minder spannend. De Amerikaan Stanley Stanczyk toonde zich bij het drukken, trekken en stoten verreweg de meerdere van zijn concurrenten, van wie de Fransman Jean Debuf hem nog het dichts wist te benaderen. Alle aandacht ging daarom naar de strijd om de tweede plaats tussen de Fransman en de Iranees Rasoul Raissi. Na de onderdelen drukken en trekken was Debuf niet meer dan 5 kg in het voordeel. Bij het stoten werd pas duidelijk dat Debuf, die het publiek door zijn elegante manier van gewichtheffen in verrukking bracht, de zilveren medaille niet meer kon ontgaan. Kees Stahlecker streed goed mee tijdens dit kampioen- schap. Bij het drukken verwerkte Stahlecker netjes 105 kg, maar helaas faalde hij met 105 kg bij het trekken en bij het stoten met 137,5 kg. Aan het einde van deze eerste avond werden de Fransmannen Thevenet en Debuf tot kampioen van Europa uitgeroepen.   drukken trekken stoten totaal 1. Stanley Stanczyk Amerika 130,0 127,5 155,0 412,5 2. Jean Debuf Frankrijk 110,0 120,0 152,5 382,5 3. Rasoul Raissi Iran 115,0 110,0 140,0 365,0 4. Ernest Roe Engeland 110,0 105,0 135,0 350,0 5. Juhani Vellamo Finland   97,5 110,0 135,0 342,5 6. Kees Stahlecker Holland 105,0 100,0 135,0 340,0 Met 2500 toeschouwers op de tweede avond van de kampioenschappen was het Circusgebouw nagenoeg uitverkocht.  Het duel in het zwaargewicht (87,5+ kg) tussen de Amerikaan John Davis en Bram Charité stond op het progamma. Nadat overige deelnemers met hun eerste beurt waren gestart met respectievelijk 102,5 kg, 105 kg en 110 kg beklom Charité het podium om aan te vangen met 120 kg. Geconcentreerd keek hij naar de zware halter, stapte toe, tilde makkelijk het gewicht op schouderhoogte maar bij de drukbeweging ging het mis. Met een kreet van pijn en teleurstelling liet Charité de halter vallen en strompelde van het podium af. Tegen beter weten in wilde Charité het nogmaals proberen maar dit werd door de dokter niet toegestaan. Hiermee eindigde zijn deelname aan dit kampioenschap op brute wijze. Het was niet gezegd dat Charité zonder zijn blessure wereldkampioen zou zijn geworden - de Amerikaan Davis was namelijk in voortreffelijke conditie - maar een tweede plaats was zeker mogelijk. De Europese titel had Charité zeker kunnen winnen want de Deen Niels Petersen bleef ver van de 410 kg af die Charité nog tijdens de laatste Nederlandse kampioenschappen had behaald. Na het uitvallen van Charité ging de strijd om de zilveren medaille verder tussen Petersen en de Belg Robert Allart wat door het publiek veelvuldig werd beloond met een luid applaus. drukken trekken stoten totaal 1. John Davis Amerika 137,5 140,0 165,0 442,5 2. Niels Petersen Denemark. 120,0 112,5 157,5 390,0 3. Robert Allart België 127,5 115,0 145,0 387,5 4. Raymond Herbaux Frankrijk 110,0 112,5 142,5 365,0 5. Alf Knight Engeland 110,0 110,0 140,0 360,0 6. R.H. Harper Jamaica 120,0 100,0 137,5 357,5 7. Adelfino Mancinelli Italië 112,5 100,0 137,5 350,0 8. Bram Charité Holland    -    -    -    - Op dezelfde avond kreeg Nederland een nieuwe tegenslag te verwerken. In de klasse lichtgewicht ( 67,5 kg) was Paul Caffa redelijk begonnen aan het kampioenschap. Bij het trekken werd de derde beurt van Caffa met 87,5 kg door de jury pas goedgekeurd. Met het trekken startte hij met 87,5 kg en faalde. De tweede beurt verkreeg wel goedkeuring maar bij de derde beurt met 92,5 kg ondervond hij te veel hinder van een blessure. Het was een pijnlijke zwerende vinger aan Caffa's linkerhand die er de oorzaak van was dat hij voortijdig moest opgeven. Alle ogen waren nu gericht op de spannende strijd tussen de Egyptenaar Ibrahim Shams en de Amerikaan Joe Pitman. Bij het drukken drukte Pitman in zijn derde beurt 100 kg terwijl Shams faalde met dit gewicht. Het onderdeel trekken werd vervolgens door Shams gewonnen. Na deze twee onderdelen was Shams licht in het voordeel. Maar met de stootprestatie van 142,5 kg wist de Egyptenaar zeker dat de buit "binnen" was en bezorgde zichzelf hiermee het wereldkampioenschap. De Deen Petersen en de Zweed Anderson werden ieder in hun gewichtsklasse Europees kampioen. drukken trekken stoten totaal Ibrahim Shams Egypte   97,5 112,5 142,5 352,5 Joe Pitman Amerika 100,0 105,0 137,5 342,5 Arvid Anderson Zweden   90,0 102,5 130,0 322,5 Unto Lehtonen Finland   87,5   90,0 122,5 300,0 Hassan Ferdows Iran   92,5   92,5 115,0 300,0 Theo Huijge België   85,0   92,5 120,0 297,5 Paul Caffa Holland   87,5   87,5    - 175,0 Na de twee vorige avonden leidden de Amerikanen het landenklassement met 14 punten, gevolgd door de Egyptenaren met 8 punten. Op de derde avond werd het verschil met 5 punten teruggebracht doordat de Egyptenaar Mahmoud Fayad in het vedergewicht (-60 kg) op fantastische wijze wereldkampioen wist te worden en de Amerikanen in deze gewichtsklasse geen deelnemer hadden. Fayad evenaarde zijn eigen wereldrecord stoten van 135 kg. Een poging om een nieuw record te vestigen met 137,5 kg mislukte en een twee poging mislukte eveneens, zij het op het nippertje. Het publiek was desondanks onder de indruk. Tweede prijswinnaar de Deen Johan Runge was eveneens op dreef door zijn Deens record bij het drukken tweemaal te breken en vestigde hiermee tevens een nieuw Scandinavisch record met 100 kg. De Fransman Max Heral, sterk bij het stoten met 125 kg, wist beslag te leggen op de derde plaats. Dirk Brand verwerkte netjes zijn beurten maar eindigde als laatste. Toch oogstte hij waardering bij het publiek voor zijn dappere strijd tussen de overige deelnemers van wereldniveau. drukken trekken stoten totaal Mahmoud Fayad Egypte   92,5 105,0 135,0 332,5 Johan Runge Denemark. 100,0   95,0 117,5 312,5 Max Heral Frankrijk   85,0   92,5 125,0 302,5 Djafar Salmasi Iran   92,5   92,5 110,0 295,0 Einar Sundström Finland   75,0   85,0 110,0 270,0 Dirk Brand Holland   75,0   80,0 100,0 255,0 De tussenstand in het landenklassement: Amerika 14 punten tegen Egypte 13 punten. Het laatste duel in het middengewicht (-75 kg) werd dus beslissend wie winnaar werd van het landenklassement. Een zenuwslopend en fascinerend duel tussen de Egyptenaar Khadr El Touni en de Amerikaan Peter George mondde uit in privé-oorlog tussen de beide landen. El Touni won het onderdeel drukken met 120 kg terwijl George niet verder kwam dan 110 kg. Bij het onderdeel trekken spitste zich het duel nog toe, want hier toonde George zich de sterkste. George was 5 kg ingelopen en stond nog 5 kg achter toen het laatste onderdeel stoten begon. Beiden wilden met 150 kg beginnen en na loting was het George die als eerste de 150 kg omhoog bracht. El Touni presteerde dit eveneens en ging gelijk door met 155 kg om vervolgens 157,5 kg te stoten. Heel het Amerikaanse kamp was nu in grote beroering. George moest, om wereldkampioen te worden, zijn eigen wereldrecord (161 kg) verbeteren en liet 162,5 kg aanbrengen. Het is doodstil in de zaal als George probeert het gewicht omhoog te krijgen. Met het halter voor de borst geslagen probeert hij met een uiterste krachtsinspanning vanuit de hurkzit omhoog te komen hetgeen hem niet lukt. Ook de tweede poging mislukt op dezelfde wijze. In het geval dat de poging wel was gelukt zou George wereldkampioen zijn geworden omdat zijn lichaamgewicht 1 kg minder was dan van El Touni. Nu was het de Egyptenaar die dolgelukkig wereldkampioen werd. Jaap Spiero begon goed aan het kampioenschap. Zijn derde drukbeurt van 102,5 kg werd met 2- 1 afgekeurd. Idem was dit het geval met 102,5 kg trekken. Met een gewicht van 122,5 kg faalde Spiero driemaal en eindigde hierdoor op de laatste plaats. De Deen Runge en de Engelsman Peppiatt werden ieder uitgeroepen tot Europees kampioen. drukken trekken stoten totaal Khadr El Touni Egypte 120,0 120,0 157,5 397,5 Peter George Amerika 110,0 125,0 150,0 385,0 Mohamed Rahnavardi Iran 102,5 105,0 132,5 340,0 Ernest Peppiatt Engeland 105,0   97,5 132,5 335,0 F. Tereskari Finland   90,0 105,0 137,5 332,5 Artur Kinnunen Zweden 100,0 105,0 125,0 330,0 S. Lizzio Italië   95,0     95,0 125,0 315,0 Jaap Spiero Holland 100,0 100,0    - 200,0 Na drie avonden kwamen de wereldkampioenschappen tot een einde. Het verlies van George door El Touni had ook verdere gevolgen voor het landenklassement tussen beide landen. Met één punt verschil versloeg het Egyptische team de Amerikanen en maakte hiermee historie. De definitieve uitslag van het landenklassement na het einde van de kampioenschappen luidt als volgt: 1. Egypte 18 punten 2. Amerika 17 punten 3. Iran 7 punten 4. Denemarken 6 punten 5. Frankrijk 4 punten 6. België & Zweden 1 punt De eerste drie landen ontvingen elk een mooi porseleinen wandbord en de stijlprijs (porseleinen molen) werd toegekend aan de Fransman Debuf. Het grote succes van deze wereldkampioenschappen was grotendeels te danken aan de Haagse vereniging Hercules. De regelingscommissie van deze vereniging had alles organisatorisch prima op orde en had hiermee bewezen prima in staat te zijn om zo’n groot evenement te kunnen organiseren. Ook de inzet van het zestal, keurig in tenue gestoken, Hercules-leden had voor een prima wedstrijdverloop gezorgd door het aanslaan van de gewichten op foutloze en snelle wijze. Hierdoor hadden de deelnemers en verzorgers geen enkele vorm van kritiek en konden zich daarom volledig concentreren op de wedstrijden. Het Bondsbestuur heeft de regelingscommissie uiteindelijk beloond met een medaille van verdienste voor de uitstekend uitgevoerde werkzaamheden.